Mantelzorg: da’s zorgen voor elkaar, elke dag opnieuw

woensdag 17 juni 2026
Mantelzorg begint zelden met een grote beslissing. Meestal groeit het gewoon. Een boodschap hier, een doktersbezoek daar. Tot je plots merkt dat iemand elke week op jou rekent. Veel mensen zorgen voor een familielid, vriend of buur zonder zichzelf een mantelzorger te noemen.

Wat is mantelzorg precies?

Mantelzorg is alle zorg die je onbetaald geeft aan iemand uit je omgeving die langdurig hulp nodig heeft. Dat kan gaan van boodschappen doen en administratie regelen tot intensieve zorg of psychische zorg.

Mantelzorgers zijn overal. Eén op drie volwassen Vlamingen en één op vijf jongeren tussen 11 en 18 jaar zorgt vandaag voor een familielid, vriend of buur. Die zorg gaat vaak verder dan wat vanzelfsprekend is en maakt het mogelijk dat iemand langer thuis kan blijven wonen.

Hartverwarmende getuigenissen

Toch voelen veel mantelzorgers zich geen ‘mantelzorger’. Voor hen is het gewoon zorgen voor iemand die belangrijk is. Jan, Stef en Hilde vertellen hoe die zorg stilaan een vaste plaats kreeg in hun leven.

Toen in het appartementsgebouw van Jan een appartement vrijkwam, twijfelde hij niet lang. Zijn moeder woonde toen nog alleen in een ouder huis, maar dat werd steeds moeilijker.

“Er was een trap, het toilet was buiten,… Dat ging eigenlijk niet meer”, vertelt hij. “Toevallig kwam het appartement onder mij vrij. We hebben toen met de kinderen gezegd: misschien is dit het moment om te verhuizen. Voor mijn broer en zus gaf dat ook rust, omdat ze wisten dat ik dichtbij woon.”

Zijn moeder verhuisde, maar op dat moment deed ze nog bijna alles zelf. Ze reed nog met de auto, deed boodschappen en trok haar plan. Tot haar gezondheid achteruitging. “Ze werd ziek en moest vaker naar het ziekenhuis. Toen heb ik zorgkrediet genomen zodat ik op woensdag kon meegaan naar afspraken. Eigenlijk ben ik zo stilaan mantelzorger geworden.”

Toch gebruikt Jan dat woord zelf niet spontaan. “Ik zie mezelf vooral als een zoon die voor zijn moeder zorgt. Zij heeft vroeger altijd voor ons gezorgd. Dan wil je dat later ook terugdoen.”

Vandaag helpt hij met boodschappen, vervoer en administratie. Zijn moeder woont nog zelfstandig, met ondersteuning van thuisverpleging en af en toe maaltijden aan huis. De zorg draagt hij niet alleen. Samen met zijn broer en zus maakte hij duidelijke afspraken. “Ik woon het dichtstbij, dus automatisch komt er meer bij mij terecht. Maar we verdelen de taken wel. Iemand anders volgt bijvoorbeeld de medicatie op. En als wij weg zijn, springen mijn broer en zus in.”

Dat evenwicht zoeken was niet altijd vanzelfsprekend. “In het begin was ik soms gefrustreerd. Alles leek dringend en ik had het gevoel dat ik altijd klaar moest staan. Ondertussen hebben we geleerd dat afspraken maken, echt belangrijk is.” Ondanks die zorgmomenten haalt Jan er ook veel voldoening uit. “Als je ziet dat iemand dankzij die hulp langer thuis kan blijven wonen, dan doe je dat gewoon met veel plezier.”

Ook Stef ziet zichzelf niet meteen als mantelzorger. “Ik ben vooral een kleinzoon die voor zijn grootvader zorgt”, zegt hij. Zijn grootvader Jef kreeg vijf jaar geleden een herseninfarct en woont vandaag in woonzorgcentrum Ter Vest. Maar de zorg begon eigenlijk al eerder.

“Na het overlijden van mijn grootmoeder ging ik elke week langs”, vertelt Stef. “We gingen samen winkelen of ik maakte eten klaar. Dat was gewoon iets vanzelfsprekends.”

Zijn grootvader was vroeger erg actief. Hij had een eigen slagerij en bleef bezig, zelfs toen hij al 80 was. “Na zijn herseninfarct veranderde dat natuurlijk plots. Terug naar huis gaan, lukte niet meer, dus hebben we mee gezocht naar een goede plek in het woonzorgcentrum.”

Hoewel zijn grootvader nu professionele zorg krijgt, blijft de familie sterk betrokken. “We proberen toch drie à vier keer per week langs te gaan. We doen de was, regelen praktische dingen en zorgen dat hij over alles kan beschikken wat hij nodig heeft. Het zijn soms kleine zaken, maar die blijven belangrijk.”

Die zorg combineren met werk en een gezin vraagt soms wat puzzelwerk. “Vaak ga ik na het werk nog even langs voor een babbel of om iets te regelen. Je probeert alles een plaats te geven binnen je gezinsleven.”

Zelfs wanneer de familie op vakantie is, proberen ze contact te houden. “We hebben ervoor gezorgd dat hij kan videobellen met een tablet. Zo kunnen we toch eens bellen of laten zien waar we precies op vakantie zijn.”

Zijn belangrijkste advies voor andere mantelzorgers is duidelijk. “Verlies jezelf niet. Je wil goed zorgen voor iemand, maar het moet ook haalbaar blijven voor jezelf en je gezin. Goede afspraken maken, helpt echt.”

Hilde zorgt al jaren voor haar mama. Haar moeder is intussen 87 jaar en woont nog zelfstandig thuis, vlak bij haar dochter, zus en broers. Dat is ook altijd haar grootste wens geweest: zo lang mogelijk in haar eigen huis kunnen blijven wonen.

Jarenlang trok haar moeder goed haar plan. Ze reed nog met de fiets, deed haar huishouden zelf en bleef actief bezig. Maar na een hartinfarct anderhalf jaar geleden veranderde er veel. Begin dit jaar kwam daar ook nog een hernia bovenop, waardoor de zorg steeds intensiever werd.

Ondertussen werd het huis aangepast met een traplift en komt thuisverpleging elke ochtend en avond langs. Toch blijft er daarnaast nog heel wat op Hilde terechtkomen. Ze regelt afspraken, legt medicatie klaar, rijdt mee naar de kinesist of de winkel en springt elke dag wel even binnen. “Eigenlijk ben ik haar agenda, chauffeur, geheugen en soms ook haar verpleegster”, zegt ze lachend. “Mantelzorg zit vaak in kleine dingen. Je bent eigenlijk voortdurend bezig met dingen regelen.”

Omdat Hilde enig kind is, komt veel automatisch bij haar terecht. Dat voelt soms zwaar aan. “Veel mensen onderschatten mantelzorg”, vertelt ze. “Voor mij voelt dat soms echt als een halftijdse job erbij. Je bent daar niet alleen praktisch mee bezig, maar ook voortdurend in je hoofd.”

Toch probeert Hilde niet alleen bezig te zijn met de zorg zelf. Ze wil vooral dat haar moeder nog kan genieten van de dingen die ze graag doet. Samen iets gaan drinken, een uitstapje naar zee of gewoon gezellig thuis zitten.

“We proberen daar bewust tijd voor te maken”, zegt ze. “Vorig weekend zijn we nog samen naar zee geweest. Dan nemen wij natuurlijk alle zorg over, maar je ziet dat ze daar echt van geniet.”

Tegelijk merkt Hilde dat de rollen stilaan veranderd zijn. “Vroeger moest ik naar haar luisteren”, lacht ze. “Nu moet zij soms naar mij luisteren. Dat blijft wennen, ook voor haar. Maar uiteindelijk begrijpt ze wel dat we dingen zeggen of doen uit bezorgdheid.”

Samen met haar man probeert ze af en toe ook bewust tijd voor zichzelf te nemen. Grote reizen naar het buitenland doen ze voorlopig niet meer, maar af en toe trekken ze er wel enkele dagen tussenuit. Binnenkort gaat haar moeder daarom voor het eerst op kortverblijf in Ter Vest. “Dan zeg ik lachend dat ze twee weken all inclusive op vakantie gaat”, vertelt Hilde. “Humor helpt vaak meer dan mensen denken. Je moet het soms ook wat luchtiger kunnen maken.”

Hilde wil andere mantelzorgers vooral één boodschap meegeven: “Blijf communiceren en geef je grenzen aan. Dat is zo belangrijk.”

Nieuwsoverzicht

Contact

Lokaal dienstencentrum Den Troef

adres
Rozenstraat 132490 Balen
tel.
014/74 47 47
e-mail
dentroef@balen.be

Deel deze pagina

Naar top